17de Zondag door het Jaar

© Nan Paffen, Heerlen 2006



Twee ervaringen, om de lezingen van vandaag in te kaderen:

Afgelopen week was het op en tv en vandaag stond het weer in de krant: we gooien veel voedsel weg. Meer dan 33% van ons voedsel wordt weggegooid. Dat is best schokkend nieuws. En al wordt het verklaarbaar, omdat we tegenwoordig weer meer vers voedsel kopen en minder uit blik of diepvries, het is toch iets om over na te denken. Misschien heeft het wel te maken met de vanzelfsprekendheid van tegenwoordig: wij ervaren zoveel dingen als vanzelfsprekend, mijn generatie in elk geval en de jongeren misschien nog meer. Gooien wij dan zo gemakkelijk weg?

Daartegenover staat een artikel, waarin wordt geschreven dat mensen tegenwoordig nog steeds vrijgevig zijn als het gaat om collectes of giften voor een goed doel: greenpeace, artsen zonder grenzen, mensen in nood… Ondanks de cynische opmerkingen dat het maar druppels zijn op een gloeiende plaat, blijven mensen die druppels toch belangrijk vinden.

Het is natuurlijk een beetje zwart-wit, wat ik hier schets: niet iedereen gooit gemakkelijk weg en niet iedereen is even vrijgevig. Maar het zijn wel tendensen van onze tijd.

 

In de lezingen van vandaag wordt verteld over een broodwonder. In de eerste lezing is het de profeet Elisa, die van 20 broden 100 man te eten geeft en ze houden nog over. Het is een teken dat Elisa onder Gods hand stond. In het evangelie is het Jezus, die laat zien dat bij God andere rekenwetten gelden: vermenigvuldigen door te delen. Opvallend is dat Johannes in zijn verhaal alle initiatieven bij Jezus legt: Jezus gaat de berg op, Jezus stelt de vraag naar het brood, hij weet er al van, hij bidt het gebed voor het eten, hij laat het brood en de vissen uitdelen en hij laat de resten ophalen. Johannes wil de persoon van Jezus centraal stellen; het gaat niet om het geloof in een teken, in een broodvermenigvuldiging, maar om geloof in Jezus. Het gebeuren is een teken van Jezus, die wil dat alle mensen het goed gaat en dat mensen gelukkig worden. Zo heeft God de wereld bedoeld. Zo heeft God ons mensen dat verlangen naar een goede en gelukkige samenleving in ons hart gelegd. Dat is de hoop die leeft in ieder mensenhart. Die scheppingskracht van God bezielde Jezus. En de mensen om hem heen begrijpen dat maar ten dele: ze zien wel dat hij de profeet is, die komen moet, maar tegelijkertijd willen ze een ‘broodkoning’ van Jezus maken.

Maar Jezus wilde geen koning worden; Jezus was een van God vervulde, indrukwekkende man die mogelijkheden zag om Gods koninkrijk op aarde wat meer gestalte te geven. Elisa en Jezus waren geen tovenaars of goochelaars, maar personen vol overtuigingskracht, die mogelijkheden zagen, waar anderen allang zouden afhaken. Jezus was niet uit op persoonlijke populariteit, maar het ging hem om verbondenheid van mensen die bereid zijn elkaars brood te delen en samen een gemeenschap te vormen waarin de een tegemoet komt aan de honger en de gerechtvaardigde verlangens van de ander.

 

Wat heeft dat nu te maken met het weggooien van voedsel in onze tijd?

Mijn kinderen zeggen dan soms: ik kan dat brood (of die aardappelen) toch niet in een zakje doen en opsturen naar Afrika…. ? Volgens mij gaat het er ook niet om, dat je nooit eens iets weg mag doen, maar wel dat je veel meer bewust kijkt naar wat je koopt, naar wat je nodig hebt, misschien zelfs naar eigen overdaad….

Ik betrap me er ook soms op dat ik soms onnadenkend iets in mijn winkelwagentje leg, vanuit een vanzelfsprekendheid dat datgene wat te koop wordt aangeboden ook in mijn behoefte voorziet. En dat geldt natuurlijk voor heel veel dingen in het leven: niet alleen etenswaren en drinken, maar ook kleren of gebruiksvoorwerpen. Misschien moeten we ons wel afvragen of we belangrijk waarden en belangrijke relaties wel niet te vanzelfsprekend zijn gaan vinden en er misschien te weinig moeite voor doen om ze vast te houden en te koesteren.

 

Zit daarin misschien het broodwonder voor onze tijd? Dat wij leren delen wat hier en nu belangrijk is? Dat wij een gemeenschap worden die elkaars zorgen wil delen, die oog heeft voor de armen in onze tijd, die aandacht heeft voor wie eenzaam is of verloren loopt, die ziet waar mensen buiten de boot vallen…..

Als we deze viering deze broodverhalen horen en straks mogen eten van het brood dat Jezus zelf wil zijn, mogen wij dan door Zijn voorbeeld geďnspireerd en gesterkt zijn om mee te werken aan Zijn wereld: een gedeelde wereld, dichtbij en ver weg, een eerlijke wereld waarin alle mensen een menswaardig bestaan hebben.