Gedachte van de week – Roeping

29 april 2012


Jezus zegt tot drie keer toe: ‘Ik gééf mijn leven voor mijn mensen’. En om zeker te zijn dat Hij begrepen wordt, voegt Hij er aan toe ‘uit eigen vrije wil’. Ja, uit vrije wil zet Hij zijn eigen leven op het spel, om het leven van zijn mensen te beschermen. Dat is wat de Goede Herder, over wie  het vandaag gaat, doet. Hún leven telt, niet het zijne. Dit in tegenstelling tot de slechte herder, die allereerst aan zijn eigen hachje denkt en in het ergste geval - ik denk aan de toestanden van misbruik in de kerk - zelf het leven van zijn schapen beschadigt.

 

 “Ik ken mijn schapen, en mijn schapen kennen Mij”  zegt de goede herder.

“Het is zo'n verschil, wie je komt helpen", zegt een oudere mevrouw in de verzorging “ik voel het wanneer ze binnenkomen. Som­migen noemen je bij je naam: Hallo Lieneke! zeggen ze, en je voelt de liefde die ze meebrengen. Hun handen zijn zacht; de verzorging doet geen pijn; voor zo’n lieve zuster ben je iemand met een naam en niet ‘die van kamer 21”. Zij hoort aan de stem dat het een zuster is die haar kent, aanvoelt, om haar geeft als mens en door de soms gehavende buitenkant heen ziet. De houding van de goede herder maakt dat je groeit, en wordt bevestigd, met al jouw kwaliteiten. De slechte herder maakt dat je je klein voelt, vernederd; je voelt je  een nummer, een voorwerp.

 

Dit weekend wordt aandacht gevraagd voor roepingen. Dat geldt, voor alle soort relaties onder ons mensen. Te lang hebben wíj gedacht,- en het wordt ons steeds weer ingepeperd - dat dit evangelie over roepingen al­leen bedoeld is voor priesters als herders, en gelovigen als schapen. Maar in een gemeenschap, die in de voetstappen van Jezus wil gaan, zijn wij allemaal geroepen om herder/herderin te zijn voor elkaar. Geroepen om met mensen naast ons op weg te gaan, dienstbaar te zijn, te helpen een antwoord te zoeken op hun vragen. Geroepen om hen nabij te zijn in hun bange zorgen en onzekerheid, in dreigende armoede, werkeloosheid of gedwongen ontslag.

“Het maakt een wereld van verschil, wie er dan aan je zijde staat”